BIRGITTA IN FARFA.
Boek 9 - KAP. 97

Christus beval zijn bruid van Rome te gaan naar het nieuwe slot bij de abdij van Farfa, zeggende: “Ga,, want een kamer is u bereid.” En toen zij er aangekomen was te zamen met haar biechtvader, Magister Petrus, en haar dienstmaagd, kreeg zij van de broeders in het klooster met de grooste moeite vergunning om een ellendige hut te bewonen, onder het voorwendsel, dat zij niet gewoon waren met vrouwen samen te wonen. Toen verscheen Christus voor haar en zeide: “Dit is de kamer der zaligheid, waarin gij u verdiensten verwerven kunt en verheven dingen leeren. Daar gij vroeger hooge en schoone huizen bewoond hebt, kunt gij ervaren wat mijn heiligen geleden hebben, die in holen gewoond hebben.”