Over hoe de bruid een heilige tegen God zag spreken over hoe een vrouw het verschrikkelijk te verduren had door de duivel en later werd verlost door de gebeden van de glorieuze Maagd.
BOEK 1 – HOOFDSTUK 16

De bruid zag een van de heiligen spreken tot God zeggend: "Waarom bezeert de duivel de ziel van deze vrouw die u hebt verlost met uw bloed?” De duivel antwoordde onmiddellijk en zei: "Want ze is terecht de mijne." En de Heer zei: "Met welk recht is ze van jou?" De duivel antwoordde hem: "Er zijn twee paden”, zei hij. “Het ene leidt naar de hemel, het andere naar de hel. Toen ze deze twee paden zag, vertelde haar geweten en reden dat ze moest kiezen voor mijn pad. En omdat ze een vrije wil had om het pad van haar keuze te kiezen, dacht ze dat het gunstig zou zijn om haar wil te richten op het begaan van zonden, en ze begon op mijn pad te lopen.

Later heb ik haar bedrogen door middel van drie ondeugden: vraatzucht, hebzucht voor geld, en wellust. Nu hang ik rond in haar haar buik en in haar aard. Ik houd haar vast met vijf handen. Met één hand bedek ik haar ogen, zodat ze geen spirituele dingen zal zien. Met de tweede houd ik haar handen vast, zodat ze goede daden verricht. Met de derde houd ik haar voeten vast, zodat ze niet afdwaalt naar het goede. Met de vierde houd ik haar intellect, zodat ze zich niet schaamt voor de zonden. En met de vijfde houd ik haar hart vast, zodat ze niet zal terugkeren door middel van berouw."

De Heilige Maagd Maria zei vervolgens tegen haar zoon: "Mijn Zoon, laat hem de waarheid vertellen over wat ik hem wil vragen." De zoon zei: "Jij bent mijn Moeder, je bent de Koningin van de Hemel, jij bent de moeder van genade, jij bent de troost voor de zielen in het vagevuur, jij bent de vreugde van degenen die hun weg banen in de wereld. Jij bent de oppermachtige meesteres van de engelen, het meest uitstekende schepsel voor God. Je bent ook meesteres over de duivel. Beveel deze duivel zelf, Moeder, en hij zal je vertellen wat je wilt.” De Heilige Maagd vroeg de duivel toen: "Vertel mij, duivel, welk voornemen had deze vrouw voordat ze de kerk binnenging?” De duivel antwoordde haar: “Ze had besloten niet meer te zondigen.”

En de Maagd Maria zei tot hem: "Voor zover haar eerdere voornemen haar naar de hel leidde, vertel me, in welke richting neigt haar huidige voornemen om niet meer te zondigen?” De duivel antwoordde haar met tegenzin: "De bedoeling om niet meer te zondigen leidt haar naar de hemel." De Maagd Maria zei: "Omdat je accepteerde dat het in je recht was om haar weg te leiden van het pad van de Heilige Kerk vanwege haar voormalige voornemen, is het nu, vanwege haar huidige voornemen, een kwestie van gerechtigheid dat ze terug de kerk in wordt geleid.

Nu zal ik je een andere vraag stellen, duivel: Vertel me, wat is de huidige toestand van haar geweten? De duivel antwoordde: "Ze heeft veel berouw en spijt over de dingen die ze heeft verricht en ze besluit nooit meer zulke zonden te begaan, maar wil zich verbeteren voor zo ver als ze in staat is.” De Maagd vroeg de duivel vervolgens: "Kun je mij vertellen of de drie zonden van wellust, vraatzucht en hebzucht tegelijkertijd in een hart kunnen bestaan als de drie goede deugden, berouw, verdriet en het voornemen om te verbeteren?” De duivel antwoordde: "Nee." En de Heilige Maagd zei: "Kun je me dan vertellen welke van deze zouden moeten verminderen en verdwijnen uit haar hart, de drie deugden of de ondeugden waar jij het over hebt, daar zij immers niet dezelfde plaats kunnen bezetten op dezelfde tijd?” De duivel antwoorde: “Ik zeg, de zonden."

En de Maagd antwoordde: "Het pad naar de hel is dan gesloten voor haar en het pad naar de hemel ligt open voor haar." Ook vroeg de maagd de duivel: "Vertel me, als een overvaller buiten de deuren van de bruid lag te wachten en haar wilde verkrachten, wat zou de bruidegom doen?” De duivel antwoordde: “Als de bruidegom goed en nobel is, zou hij haar moeten verdedigen en zijn leven moeten riskeren omwille van haar. Toen zei de maagd: “Je bent een boze rover. Deze ziel is de bruid van de bruidegom, mijn Zoon heeft haar vrijgekocht met zijn eigen bloed. Je hebt haar met kracht beschadigd en in beslag genomen. Daarom, omdat mijn Zoon de bruidegom van haar ziel is en Heer over jou, is het niet jouw taak te vluchten voor hem.”

UITLEG
Deze vrouw was een prostituee die terug wilde keren tot de wereld, want de duivel plaagde haar dag en nacht zoveel, dat hij haar ogen zichtbaar in haar hoofd drukten en, terwijl velen toekeken, haar uit haar bed sleepte. Daarna, in de aanwezigheid van vele betrouwbare getuigen, zei de heilige Birgitta openlijk: "Ga weg jij, duivel, je hebt dit schepsel van God genoeg geplaagd.” Nadat ze dit had gezegd, lag de vrouw voor een half uur met haar ogen op de grond gedrukt, stond op en zei: “Waarlijk, ik zag de duivel in afgrijselijke vormen door het raam naar buiten gaan en ik hoorde een stem tegen me zeggen: ‘Vrouw, je bent waarlijk bevrijd.’” Vanaf dat uur was deze vrouw van al haar ongeduld verlost en leed niet langer aan onreine gedachten, en ze kwam tot rust door een goede dood.